Formaties en rollen · Analyse
Afmaker: de spits die in de zestien leeft
Een afmaker is een spits die in de zestien blijft en van dichtbij scoort, met één of twee balcontacten. Met tabel, diagram, voorbeelden en hoe je hem herkent.
Een afmaker is een spits die in het strafschopgebied leeft en van dichtbij scoort, meestal met één of twee balcontacten. Hij doet weinig in de opbouw: zijn waarde zit in timing, inschatting en afwerking, net een moment eerder op de goede plek dan zijn verdediger.
Je hoort ook goalgetter, in Vlaanderen afwerker, en in het Engels heet hij poacher: een stroper, iemand die buit pakt die niet voor hem bedoeld was. Hij pakt kansen die de verdediging had moeten wegwerken: intikkers, rebounds, voorzetten die een centrale verdediger een halve meter verkeerd inschatte. Van alle typen spits is hij de meest gespecialiseerde.
| Afmaker | |
|---|---|
| Waar hij speelt | Centrumspits, tussen de centrale verdedigers en in de zestien |
| Hoofdtaak | Kansen van dichtbij afmaken, vaak direct |
| Zonder bal | Blijft hoog, op de schouder van de laatste verdediger |
| Formaties | 4-4-2, 3-5-2, 5-3-2 (met een spitspartner) |
| Rugnummer | Meestal 9, het traditionele nummer van de centrumspits |
| Verwante rollen | Targetman, diepe spits, valse negen, schaduwspits |
| Bekende voorbeelden | Gerd Müller, Filippo Inzaghi, Klaas-Jan Huntelaar |
Een Nederlands dilemma
Voetbaltactics.nl beschrijft een verschil in smaak. In Nederland wil men zien dat een spits goed kan en wil meevoetballen. In een land als Italië vraagt men van een spits alleen goals. Klaas-Jan Huntelaar was volgens dezelfde site een pure afmaker, een klassieke nummer 9, maar geen speler die goed kon meevoetballen. Bij Oranje was er lang discussie over wie moest beginnen: hij of een meevoetballende spits als Robin van Persie.
Wat de afmaker doet met de bal
De afmaker is niet de speler die de bal vasthoudt, door het middenveld draagt of de laatste pass geeft. Zijn balcontacten komen aan het eind van aanvallen, in de zestien, en de meeste zijn schoten. Een goede afmaker scoort met links, met rechts en met zijn hoofd.
Huntelaar laat het in cijfers zien. Volgens een analyse van Voetbal International, aangehaald door Nederlandse Wikipedia, scoorde hij van zijn eerste 100 Eredivisiegoals er maar negen van buiten het strafschopgebied. Louis van Gaal noemde hem in 2009 "de beste spits ter wereld in de zestien".
Het echte werk gebeurt een seconde voordat de bal komt. Hij leest waar een voorzet landt of een rebound valt, en is er als eerste. De bewegingen zijn klein: een stap in de rug van een centrale verdediger, een dreiging naar de eerste paal en een draai naar de tweede. The Guardian schreef in zijn in memoriam over Gerd Müller dat hij een groot deel van zijn goals in het doelgebied maakte, uit opportunisme en snel denken.
Wat de afmaker doet zonder bal
Hij blijft hoog. De afmaker speelt op de laatste linie van de tegenstander, vaak precies op de rand van buitenspel, en wacht op het moment dat een pass of voorzet in zijn loop kan worden gespeeld. De Engelstalige Wikipedia beschrijft Filippo Inzaghi als een speler die op de buitenspellijn leefde, en citeert Alex Ferguson die grapte dat hij buitenspel geboren moest zijn.
Die positie heeft een prijs en een voordeel. De prijs is verdedigend: een afmaker leidt de druk zelden, en Inzaghi kreeg kritiek omdat hij weinig deed in de opbouw. Toen Huntelaar bij AC Milan speelde, zei trainer Leonardo volgens Nederlandse Wikipedia dat Huntelaar gewend was als diepe spits op zijn kansen te wachten, terwijl Milan iemand zocht die ballen vasthield. Het voordeel is dat hij de verdediging vastzet. Centrale verdedigers kunnen niet vrij opstappen als er een spits achter hen wacht. Dat houdt de verdediging dieper en geeft de middenvelders meer ruimte.
Welke formaties bij een afmaker passen
De afmaker werkt meestal het best met een partner. In een 4-4-2 (op het formatiebord) is het klassieke duo een targetman die de lange bal wint en vasthoudt, en een afmaker die zijn doorkopballen en afleggers oppakt. Huntelaar zei zelf, geciteerd door Nederlandse Wikipedia, dat hij het best rendeerde als centrumspits tussen twee vleugels, met een nummer 10 kort achter zich. De andere bron van kansen zijn voorzetten vanaf de flank, precies wat het diagram hierboven laat zien: de rechtsbuiten geeft de voorzet op de spits in de zestien.
Een 3-5-2 (op het formatiebord) doet hetzelfde met twee spitsen en wingbacks die de breedte geven. In een systeem met één spits, zoals een 4-3-3 of een 4-2-3-1, is een pure afmaker lastiger in te passen. De enige 9 moet daar meestal ook de bal vasthouden, druk zetten en meespelen, en dat is een reden dat moderne spitsen vaker complete aanvallers zijn.
Voorbeelden
- Gerd Müller (Bayern München, West-Duitsland) is het ijkpunt. Wikipedia noemt hem de grootste goal poacher uit de geschiedenis. Hij scoorde 365 keer in 427 Bundesligawedstrijden voor Bayern en 68 keer in 62 interlands. Voor Nederland is hij vooral de man van de winnende goal in de WK-finale van 1974.
- Filippo Inzaghi (Juventus, AC Milan, Italië) bouwde een loopbaan op loopacties. Voetbaltactics.nl schrijft dat hij geen uitzonderlijke technische kwaliteiten had, maar wel een geweldige afmaker was. Hij maakte beide goals van Milan bij de 2-1 tegen Liverpool in de Champions League-finale van 2007.
- Klaas-Jan Huntelaar (Ajax, Real Madrid, AC Milan, Schalke 04), bijgenaamd The Hunter, scoorde 42 keer in 76 interlands voor Oranje. Zijn eigen omschrijving van zijn ideale plek: dicht bij de goal, in een kleine ruimte vlak bij de zestien.
Het verschil met verwante rollen
- Targetman: speelt met zijn rug naar het doel, wint kopduels en houdt de bal vast voor anderen. De afmaker staat met zijn gezicht naar het doel en wil de bal in de zestien, niet daarbuiten. Ze vullen elkaar aan, en daarom spelen ze zo vaak samen.
- Diepe spits: in het Nederlands de meest vooruitgeschoven spits. Een afmaker is bijna altijd een diepe spits, maar een diepe spits kan ook een targetman of een snelle loper in de diepte zijn.
- Valse negen: begint als spits en zakt uit naar het middenveld. De afmaker doet het omgekeerde en blijft op de laatste linie. De vergelijking valse negen of spits gaat dieper op dat verschil in.
- Schaduwspits: speelt iets lager, in een vrijere rol, en maakt zowel goals als kansen. Een afmaker die steeds terugzakt om mee te combineren, schuift op naar die rol.
Zo herken je een afmaker in een wedstrijd
Kijk waar hij staat als zijn ploeg de bal heeft op de helft van de tegenstander. Een afmaker is bijna altijd in of rond de zestien, op gelijke hoogte met de laatste verdediger, en bijna nooit op het middenveld. Tel zijn balcontacten: het zijn er weinig, en een groot deel is een schot. Let op het moment vlak voor een voorzet van een buitenspeler of een opkomende back: hij maakt een korte, late beweging om van zijn man af te komen, in plaats van stil te staan of een lange sprint te trekken. En kijk wat hij doet bij balverlies: een afmaker blijft meestal hoog staan.
In de cijfers verwacht je weinig schoten van buiten de zestien en veel kansen van dichtbij. Zijn expected goals (xG) per schot ligt daardoor vrij hoog, ook als hij niet heel vaak schiet.
Wanneer een trainer kiest voor een afmaker
Een trainer kiest een afmaker als de ploeg al kansen creëert en iemand nodig heeft om ze af te maken. Denk aan goede voorzetgevers of een spitspartner die de eerste bal wint. Tegen een laag blok dat geen ruimte in de rug laat, kan een afmaker ook zinvol zijn: de kansen komen dan uit voorzetten en scrimmages in een volle zestien, niet uit steekballen.
Hij is een lastigere keuze als de spits van voren moet drukken, de bal onder druk moet vasthouden of moet terugzakken om te creëren. Of als het plan een snelle counter is.
Wat is een afmaker in het voetbal?
Een afmaker is een spits die in of rond het strafschopgebied blijft en van dichtbij scoort, meestal met één of twee balcontacten. Hij doet weinig in de opbouw en leunt op timing, inschatting en afwerking.
Wat is het verschil tussen een afmaker en een targetman?
Een targetman speelt met zijn rug naar het doel, wint kopduels en houdt de bal vast voor ploeggenoten. Een afmaker staat met zijn gezicht naar het doel en wacht in de zestien op de bal. In een spitsenduo spelen ze vaak samen: de targetman wint de bal, de afmaker maakt hem af.
Wie is de beste afmaker ooit?
Gerd Müller is het gebruikelijke antwoord: Wikipedia noemt hem de grootste goal poacher uit de geschiedenis. Filippo Inzaghi en, in Nederland, Klaas-Jan Huntelaar zijn andere bekende voorbeelden van de rol.
Waarom heet een afmaker in het Engels een poacher?
Een poacher is een stroper, iemand die wild schiet dat niet van hem is. In het voetbal pakt hij kansen die de verdediging had moeten wegwerken, door net eerder op de goede plek te zijn dan zijn verdediger.
Bronnen en verder lezen
- Echte spitsen dragen rugnummer 9 — Voetbaltactics.nl
- Klaas-Jan Huntelaar — Wikipedia
- Gerd Müller obituary — The Guardian
- Gerd Müller — Wikipedia
- Filippo Inzaghi — Wikipedia