Formaties en rollen · Analyse

Posities in het voetbal: van keeper tot spits, met de Nederlandse rugnummers

Elf posities in vier linies, van keeper tot spits. Wat elke positie doet, wat de Nederlandse rugnummers 1 tot 11 betekenen en waarom de 6 een controleur is.

Een voetbalveld met elf genummerde spelers in een 4-3-3: keeper 1, rechtsback 2, centrale verdedigers 3 en 4, linksback 5, controleur 6, middenvelders 8 en 10, buitenspelers 7 en 11 en spits 9.
Beeld: Touchline Notes

Een voetbalelftal bestaat uit elf spelers in vier linies: een keeper, verdedigers, middenvelders en aanvallers. Een positie is de plek waar een speler begint en de taak die bij dat deel van het veld hoort; in Nederland heten die posities nog vaak naar hun rugnummer.

De spelregels leggen maar weinig vast. Een ploeg heeft hoogstens elf spelers, van wie er één keeper moet zijn, en een wedstrijd mag niet beginnen of doorgaan als een ploeg minder dan zeven spelers heeft. De rest is een keuze van de trainer. Daarom kun je dezelfde elf posities neerzetten als een 4-3-3, een 4-2-3-1, een 3-5-2 of een 4-4-2.

De posities in één oogopslag

In Nederland denk je bij posities vrijwel altijd aan de 4-3-3. Het woordenboek van het Nederlands (ANW) noemt dat systeem zelfs een als "typisch Nederlands" beschouwd spelsysteem. De tabel volgt daarom de traditionele Nederlandse nummering in die 4-3-3.

Nr. Positie Hoofdtaak
1 Keeper (doelman) Houdt ballen tegen, stuurt de verdediging, begint de opbouw
2 Rechtsback Verdedigt de rechterflank en sluit aan bij aanvallen
3 Centrale verdediger (traditioneel de voorstopper) Dekt de spits, wint duels en kopballen
4 Centrale verdediger (traditioneel de laatste man) Dekt achter de voorstopper af en speelt in
5 Linksback Hetzelfde op links
6 Controleur Beschermt de verdediging, verovert ballen, verdeelt het spel
8 Middenvelder Verbindt verdediging en aanval, loopt van zestien tot zestien
10 Aanvallende middenvelder Speelt tussen de linies en maakt kansen
7 Rechtsbuiten Houdt het veld breed rechts, passeert en geeft voorzetten
9 Spits Scoort, bindt de centrale verdedigers, rondt aanvallen af
11 Linksbuiten Hetzelfde op links

De nummers zijn traditie, geen regel. In de Eredivisie houdt een speler hetzelfde nummer een heel seizoen, dus jouw beste controleur kan net zo goed met 16 spelen. Ajax geeft het nummer 14 van Johan Cruijff zelfs helemaal niet meer uit.

Keeper (1)

De keeper is de enige speler die de bal met zijn handen mag spelen, en alleen in zijn eigen strafschopgebied. Ballen tegenhouden blijft de kern, maar een moderne keeper heeft de bal vaker aan zijn voet dan in zijn handen. Hij is de eerste passer in de opbouw van achteruit en dekt bij een hoge linie de ruimte erachter af, het werk dat vroeger de libero deed.

Verdedigers (2 tot en met 5)

De centrale verdedigers spelen met z'n tweeën in een viermansverdediging, of met z'n drieën in een systeem met drie centrale verdedigers. In de Nederlandse traditie hadden die twee elk een eigen taak. De voorstopper (3) dekte de spits. De laatste man (4) stond erachter en ruimde op wat erdoor kwam. Tegenwoordig verdedigen de meeste duo's zonaal, maar de woorden hoor je nog steeds. Een centrale verdediger wordt nu ook op zijn inspeelpass beoordeeld: wie de eerste pressielinie met een pass of een dribbel passeert, scheelt zijn middenvelders veel werk.

De backs staan aan weerszijden van het centrum: de rechtsback (2) en de linksback (5). Verdedigend stoppen ze de buitenspeler en de voorzet; aanvallend hangt hun taak af van het systeem. Sommige backs komen op langs de zijlijn, andere blijven achter, en weer andere schuiven in balbezit naar het middenveld: de inverted back. Speel je met drie centrale verdedigers, dan neemt een wingback in zijn eentje de hele flank voor zijn rekening.

Middenvelders (6, 8 en 10)

De controleur is de Nederlandse 6. Hij staat vlak voor de verdediging, schermt passlijnen naar de aanvallers af en houdt de bal aan het rollen. Sommige ploegen spelen met twee controleurs naast elkaar, de dubbele controleur. Is de diepste middenvelder vooral een passer die het tempo bepaalt, dan noemen Italianen hem een regista.

De 8 is de verbinder. Hij haalt de bal op bij de verdedigers, draagt hem naar voren en is als eerste terug bij balverlies. Een 8 die naar de flank afzakt en de halfspace aanvalt, heet in Italië een mezzala.

De 10 speelt het dichtst bij de aanvallers, tussen het middenveld en de verdediging van de tegenstander. Zijn waardevolste stuk gras ligt centraal net voor de zestien, zone 14, en in de stroken ernaast, de half-spaces.

Aanvallers (7, 9 en 11)

De buitenspelers heten in de oude Nederlandse woorden rechtsbuiten (7) en linksbuiten (11). Vlaamse uitleg gebruikt daarnaast ook het woord flankaanvaller. Een klassieke buitenspeler blijft aan de kant van zijn beste been en geeft de voorzet. Een buitenspeler op de "verkeerde" flank snijdt naar binnen om te schieten of in te spelen.

De spits (9) is de voorste man en de belangrijkste doelpuntenmaker. Hij bindt de centrale verdedigers, maakt de kansen af en kaatst de bal met zijn rug naar het doel terug naar opkomende ploeggenoten. Zakt hij naar het middenveld in plaats van hoog te blijven, dan is hij een valse negen.

De Nederlandse nummering: waarom bij ons de 5 een linksback is

Rugnummers waren ooit gekoppeld aan een plek op het veld. In Nederland nummer je de 4-3-3 grofweg van rechts naar links: 2, 3, 4 en 5 achterin, 6, 8 en 10 op het middenveld, 7, 9 en 11 voorin. De 4-3-3 zelf werd hier in de jaren zeventig groot, toen Rinus Michels bij Ajax en Ernst Happel bij Feyenoord het systeem rond dezelfde tijd met veel succes invoerden.

In het buitenland lopen de nummers anders. In Engeland speelt de 3 als linksback, de 4 vaak als verdedigende middenvelder en de 6 als centrale verdediger. Een 5 is daar dus vaak een centrale verdediger. Ook binnen het Nederlandse taalgebied is het niet overal gelijk: een Vlaamse uitlegsite nummert de backs 2 en 3 en de centrale verdedigers 4 en 5, de internationale volgorde.

Ook "de 6" zelf schuift. In de oudste Nederlandse indeling waren de 6 en de 8 de rechtshalf en de linkshalf, met de 10 vóór hen. Dat is de 4-3-3 met de punt naar voren. Oranje speelde in 2010 zo, met Van Bommel en De Jong achter Sneijder als 10. Johan Cruijff wilde het andersom: de punt naar achteren, met één 6 vóór de verdediging en twee spelers ervoor. Met een 10 speel je 4-2-1-3, met een 6 wordt het 4-1-2-3, en dan heb je volgens hem zowel verdedigend als aanvallend een man meer. Tegenwoordig bedoelen Nederlandse trainers en analisten met "de 6" meestal de controleur, en heet de middenvelder ernaast de 8.

Een positie is geen rol

Een positie zegt waar een speler begint. Een rol zegt wat hij daar doet. Twee linksbacks in dezelfde 4-3-3 kunnen een totaal ander spel spelen: de een komt op langs de buitenspeler, de ander schuift naar binnen naast de controleur. Een spits kan diep blijven of als valse negen terugzakken. Daarom legt deze site de klassieke rollen apart uit, van de libero tot de regista. Met en zonder bal ziet dezelfde ploeg er ook anders uit, zeker als hij zijn restverdediging moet organiseren.

Verschuif de posities gerust zelf. Zet een 4-3-3 neer, laat de backs opkomen en laat de 6 tussen de centrale verdedigers zakken. De elf posities blijven hetzelfde, maar je bouwt nu op met drie man achterin. Hoe een 4-3-3 het tegen een 4-4-2 doet, zie je in de analyse van 4-4-2 tegen 4-3-3.

Welke posities zijn er in het voetbal?

In een 4-3-3 zijn dat de keeper, de rechtsback, twee centrale verdedigers, de linksback, de controleur, de 8, de 10, de rechtsbuiten, de spits en de linksbuiten. Andere systemen ruilen er een paar om. Een 3-5-2 heeft drie centrale verdedigers en twee wingbacks, een 4-4-2 twee spitsen en twee middenvelders op de flanken.

Wat is een 6 in het voetbal?

Een 6 is in Nederland de controleur: de middenvelder die vlak voor de verdediging staat. Hij beschermt de centrale verdedigers, verovert ballen en zet de opbouw in gang. Dat is de 4-3-3 met de punt naar achteren, zoals Johan Cruijff die wilde.

Waarom speelt de nummer 5 in Nederland als linksback?

Omdat Nederland de achterste vier van rechts naar links nummert: 2 rechtsback, 3 en 4 centraal, 5 linksback. In Engeland en veel andere landen is de 3 de linksback en draagt een centrale verdediger vaak de 5.

Wat is het verschil tussen een positie en een rol?

Een positie is waar een speler op het veld begint, bijvoorbeeld linksback of spits. Een rol is hoe hij die positie invult, bijvoorbeeld als inverted back of als valse negen. Op dezelfde positie passen dus meerdere rollen, afhankelijk van het plan van de trainer.

Bekijk deze positie op het tactiekbord.

Bronnen en verder lezen

  1. Rugnummers en Posities — Voetbal Tactics
  2. Rugnummers 2, 3 en 5: Posities en Voorbeelden — Voetbal Tactics
  3. Waarom Johan Cruijff opteert voor een '6' i.p.v. een '10' — De VoetbalTrainer
  4. Formatie (voetbal) — Wikipedia (nl)
  5. Law 3 – The Players — IFAB